- Blog

JES stadslabo blogt...

13/11
blogfoto

J100 in Antwerpen: een plek waar jongeren hun verhaal kwijt kunnen

Sinds 1 augustus zet Margot Van Look als projectmedewerker bij JES haar schouders onder de J100. De J100 is een project van Antwerpse jeugdorganisaties (waaronder JES) om de positie van jongeren in de stad te versterken door hen een stem te geven en hen in dialoog te laten gaan.

Waarover wordt er allemaal gesproken binnen de J100? Welke thema's komen zoal aan bod?
Margot: Er wordt over heel wat verschillende onderwerpen gesproken. Op dit moment zijn de ‘hot items’: politie, media, samenleving, seksualiteit, werk, vrijwilligers/vrije tijd, probleemjongeren, drugs en alcohol.

Met wie gaan de jongeren allemaal in dialoog?
Margot: Maandelijks gaan de jongeren met elkaar in dialoog. Op deze bijeenkomst zijn er telkens een 50-tal jongeren aanwezig. In november 2016 hielden we ook een J100-top. Hier komen er minstens 100 jongeren op af om met elkaar te praten. Dit schooljaar komt er zeker nog zo’n J100-top! Daarnaast zijn er ook gesprekken met politici. Er komt een themacollege ‘jeugd’ aan en een lijsttrekkersdebat waarbij de jongeren de kans krijgen om in gesprek te gaan met politiekers. Ook proberen we in contact te komen met politiemensen, journalisten of media-experts als we het hebben over de thema’s ‘politie’, ‘media’ …

Wat is de 'Droomhut' en hoe ontstond het idee voor de 'Droomhut'?
Margot: De droomhut is een soort boomhut in het midden van de stad waar jongeren van de J100 hun eigen plekje kunnen vinden. Het idee is ontstaan tijdens een brainstormsessie waarbij jongeren op zoek gingen naar wat ze met de J100 graag willen bereiken. Eén van de volgende uitspraken kwam hierbij naar voren: “Toen ik een kind was, droomde ik ervan om tijd te spenderen in een boomhut. Je woont in ’t stad in een appartement of huisje en niet alle huizen hebben een tuin. Aan bomen in de publieke ruimte mag je niet komen omdat je dan een GAS-boete krijgt. Dus heb ik nooit een boomhut kunnen maken en er nooit in kunnen spelen.” (citaat J100-jongere M. Aoulad) Op dit idee is verder doorgedacht en zo zijn we tot het concept van de droomhut gekomen.

Waar zal de Droomhut komen? Wanneer zal ze klaar zijn?
Margot: De droomhut zal zijn plekje krijgen op Spoor Oost in Antwerpen. Alle jongeren van Antwerpen zullen hier gebruik van kunnen maken. We hopen begin 2018 te kunnen starten met de bouw en in de zomer van 2018 een gigantisch openingsfeest te kunnen geven.

Waarom is er in Antwerpen nood aan een J100/Droomhut?
Margot: Heel wat jongeren in Antwerpen kampen met het gevoel niet meer gehoord te worden. J100 biedt een plek waar jongeren wel hun verhaal kwijt kunnen en in gesprek kunnen gaan met elkaar over de grenzen van jeugdwerkingen heen. Op deze manier komt men in contact met elkaar waardoor we de polarisering een stuk tegengaan.

Wanneer vinden de volgende bijeenkomsten van J100 plaats? Wie kan daar allemaal naartoe komen?
Alle jongeren van Antwerpen zijn welkom op de bijeenkomsten van de J100. Er wordt aan teambuilding gedaan, er zijn brainstormsessies over de thema’s seksualiteit en politie en er worden gesprekken met politici voorbereid. 25 november hebben we een eerste wijkwandeling in Borgerhout waar jong en oud op aanwezig kan zijn.
deel op Google+ deel op Twitter
09/11
blogfoto

Kleine Malibranstraat

In de gemeente Elsene organiseert JES met de deelwerking Yota! sinds 2016 een participatief traject in het kader van het duurzaam wijkcontract Maalbeek. Plaats van het gebeuren: de pittoreske Kleine Malibranstraat die uitmondt in een klein parkje. Het is een oase van rust vlakbij het drukke Flageyplein.

Slechte reputatie

In tegenstelling tot Flagey is er in de Kleine Malibranstraat amper volk. Het pleintje heeft een slechte reputatie. Ontrokken aan sociale controle is het een plek waar je zonder probleem je hond zijn behoefte kan laten doen in een speeltuin, kan sluikstorten, … Sommigen voelen zich net aangetrokken door de rust zoals een groep jonge gasten die geboren en getogen zijn in de wijk. Zij beschouwen de Kleine Malibranstraat als het verlengde van hun woonkamer. De aanwezigheid van deze ‘hangjongeren’ is voor andere buurtbewoners dan weer een reden om het parkje te mijden.

Jeugdhuis in de Kleine Malibranstraat

Isabelle Legrain van de dienst Stadsvernieuwing van de gemeente Elsene legt uit dat deze jongeren de plek als hun thuisbasis kozen omdat ze zich elders niet altijd welkom voelen. "We erkennen als gemeente de nood aan meer ruimte voor jongeren en willen een plek creëren exclusief voor hen: een jeugdhuis in de Kleine Malibranstraat.
Om dit proces te begeleiden heeft de gemeente een partner op het terrein nodig. JES organiseert de participatie voor het toekomstige jeugdhuis in combinatie met een traject om de Kleine Malibranstraat te reactiveren."


Margot Van de Put, projectverantwoordelijke van het duurzaam wijkcontract Maalbeek legt uit: Het is niet gemakkelijk om participatie te organiseren rond onze bouwprojecten omdat het altijd heel lang duurt voor zo’n bouwproject gerealiseerd wordt. Dat organiseren met jongeren is nog moeilijker. Dat is een vak apart. Daarom zijn we naar JES gegaan want het leek ons heel belangrijk om een participatieproces in het kader van dit project te doen zodat de jongeren zich het project zouden eigen maken. En ik denk dat we dan echt naar de experten ter zake moeten gaan en dat is Yota! en niet wij.

Terugblik op anderhalf jaar ateliers

Maar genoeg uitgelegd. Liever laten we de kinderen en animatoren aan het woord. Een terugblik op anderhalf jaar ateliers in de Kleine Malibranstraat.

Neema (13 jaar) is erbij vanaf het begin:
“Ik heb Jessica (Yota!-medewerker van JES) ontmoet op een andere activiteit. Ze nodigde me uit in de 'Petite Rue Malibran' en ik vond het hier leuk. Ik ben iedere vakantie naar de ateliers gekomen, alle dagen. Ik heb zelfs vriendinnen uitgenodigd en zij vonden het ook tof. We kunnen zo ook een goeie band opbouwen met andere mensen uit de wijk. Eigenlijk willen we een project doen ‘Maison de Jeunes’ zodat iedereen uit de buurt elkaar leert kennen. Ik hou veel van dat idee.“


Zandbak, zwembad, voetbalgoals...

De hoofdmoot van activiteiten vindt plaats tijdens de schoolvakanties. Yota! zoekt telkens een evenwicht tussen stimulerende, leuke activiteiten en manieren om zich de publieke ruimte toe te eigenen. Een aantal impressies van Flora (10 jaar) en Miriam (9 jaar), Taha (8 jaar) en Youssef (8 jaar):
Flora & Miriam: Op een grote open plek konden we zand leggen. Er zaten schelpen in. Met heeeeel veel kleuren. Ik heb er super veel gevonden! En toen hebben we een opblaaszwembad gezet en er water in gedaan. En we hebben gespeeld en goed gezwommen. Het was cool!





Taha: Ik ben eens naar de Petite Rue Malibran gegaan en daar waren Ossian, Morgane en Camille (medewerkers van Collectif Baya waarmee Yota! tijdens de zomer heeft samengewerkt). We hebben dingen gebouwd. Er waren plantenbakken, voetbalgoals en borden met daarop ‘Nee aan de honden’ omdat ze anders de Kleine Malibranstraat vuil maken.




Youssef: Voor mijn tekening heb ik me laten inspireren door de 'cabane' die we bouwden in 2016, maar die we deze zomer hebben afgebroken omdat we een zandbak wilden maken. Je kon binnengaan in de cabane en er allerlei dingen doen. Het was een beetje zoals een lokaal. Toen de activiteiten gedaan waren, hebben we de cabane laten staan voor de arme mensen. [nvdr: tijdens de winter – toen er geen Yota!-activiteiten waren – hebben een familie vluchtelingen en verschillende daklozen de cabane tot hun onderkomen gemaakt].



De ‘tour de crottes de chien’

De Kleine Malibranstraat en het jeugdhuis staan centraal in het traject. Voor het toekomstige jeugdhuis lag de klemtoon in 2016 op het ontwerp en de ontmoeting tussen jongeren en architecten. In de zomer van 2017 konden we het toekomstige jeugdhuis tijdelijk gebruiken. Dit maakte de plannen meer bevattelijk en concreet.



Naast het jeugdhuis werkt Yota! ook aan het reactiveren van de publieke ruimte. Samen met kinderen en jongeren uit de buurt onderzocht Yota! de troeven en gebreken van de Kleine Malibranstraat. Iedere vakantie wordt een stukje verder gebouwd op deze analyse. Zoals Youssef (10 jaar) het verwoordt: We doen activiteiten om de omgeving hier te verbeteren.
Zo is de ‘tour de crottes de chien, waarbij iedere hondendrol van een fel kleurtje wordt voorzien, obligaat aan het begin van iedere vakantie. Ook het planten van ludieke vlaggetjes in de drollen en het timmeren van verbodsborden tegen hondenpoep zijn pogingen om de hondeneigenaars te sensibiliseren.



De zandbak, het plonsbadje, het bouwen, verven en afbreken van de cabane en het maken van voetbalgoals met het gerecupereerde hout zijn manieren om letterlijk iets toe te voegen aan de publieke ruimte. Om zélf aan de slag te gaan en verbetering te creëren. Maar ook om zich de Kleine Malibranstraat toe te eigenen, om trots te zijn op de verwezenlijkingen. Deze acties hebben nóg een zeer belangrijke, positieve bijwerking: het verhogen van de sociale controle. Dit was ook de voornaamste motivatie om tijdens de zomer 2017 het aantal activiteiten drastisch op te drijven. Meer volk brengt niet alleen een conviviale sfeer met zich mee, maar schrikt ook sluikstorters en hondeneigenaars die zich niet aan de regels houden af. De ‘tour de crottes de chien’ werd algauw overbodig.

Gemotiveerde animatoren

Een Yota!-medewerker alleen is maar alleen. In lijn met de JES-filosofie wordt Yota! óók in Elsene bijgestaan door een groep jongeren uit de wijk die als vrijwillige animator de verschillende ateliers opluisteren. Ze begeleiden de ateliers, bouwen een band op met de kinderen en tieners. Een aantal van hen heeft de vorming ‘Animateur du quartier’* gevolgd. Ze zijn in dialoog gegaan met de architecten, hebben een filmpje gemaakt voor de Overlegcommissie van het wijkcontract over het belang van het jeugdhuis. En ze zijn gemotiveerd! Naarmate de zomer vorderde, kwamen er meer en meer animatoren een handje toesteken op dagen dat ze niet ingepland stonden.

Meriem (19 jaar) vertelt over haar engagement:
Ik ben hier animatrice geworden toen ik Jessica leerde kennen in de huiswerkklas. Het leukste deze zomer vond ik het kookatelier. Er was een dessert, voorgerecht, ‘heel de bazaar’. Dat deed ik echt graag. Alles in goede banen leiden, dat is ingewikkeld, maar uiteindelijk lukt dat! De Kleine Malibranstraat is zoals een thuis voor mij. Wanneer ik naar hier kom, moet ik glimlachen. Ik voel me hier goed, het is gezellig. Iedereen komt samen, het is een beetje zoals familie. Voor ik naar hier kwam, kende ik bijna niemand. Ik dacht ‘ik kan onmogelijk iedereen leren kennen, er zijn te veel kinderen…’. Maar ik heb mijn plan getrokken. En zo heb ik hen leren kennen, ze zijn leuk, schattig, en voilà … ik hou van hen allemaal!

*Animateur du Quartier is een vorming op maat voor bestaande groepen Franstalige jongeren die deelnemen aan een traject bij JES.


Vindplaatsgericht

Tot slot nog een woordje over de groep waarmee deze tekst begon: de oudere gasten van de wijk. De vrees dat al dat jong kindergeweld hen zou wegjagen, bleek gelukkig ongegrond. De oudere gasten nemen niet deel aan de activiteiten, maar zijn wel iedere dag aanwezig. Ze waren er ook toen de architecten en de gemeente de plannen kwamen voorstellen. Dit is één van de manieren waarop Yota! de verbinding maakt tussen twee werelden: door een aanpak te gebruiken die typisch is voor het jeugdwerk van JES, namelijk vindplaatsgericht werken.



Aanvankelijk waren de jongeren erg sceptisch. Door stelselmatig aanwezig te zijn en informele gesprekjes aan te knopen is dit wantrouwen veranderd in vertrouwen. De gasten zien dat er daadwerkelijk geïnvesteerd wordt in de kinderen en jongeren van de wijk. En ze zien ook medewerkers die zelf de handen uit de mouwen steken.
Wie in en aan de publieke ruimte werkt, leert zich met scha en schande voor te bereiden op teleurstellingen. Zo bedacht Yota! als ergste scenario voor de cabane dat ze in brand gestoken zou worden. Dat is niet gebeurd. Ook de zandbak heeft standgehouden. En de voetbalgoals zijn niet kapot gegaan door vandalisme, maar door veelvuldig gebruik. De gasten die in de buurt een slechte reputatie hebben, lieten onze bouwsels niet enkel ongemoeid, maar maakten er ook gebruik van. En sommigen boden hun diensten aan bij het afbreken van de cabane en bij het installeren van het zwembad. Anderen spraken de Yota!-medewerker aan om een ‘barre de traction’ (waaraan je je kan optrekken) in de Kleine Malibranstraat te installeren.

Op de goede weg

Betekent dit nu dat alle problemen in de Kleine Malibranstraat opgelost zijn? Dat alle buurtbewoners en jongeren dikke maatjes zijn? Dat er géén overlast meer is? En geen hondenpoep? Néén. Maar het betekent wél dat daadkracht, volharding en visie vruchten afwerpen. Dat het loont om te zoeken, uit te proberen, bij te sturen, flexibel te zijn. Dat problemen ook nieuwe mogelijkheden kunnen zijn. Dat vijf kinderen op de eerste zomerateliers in 2016 uitgroeien tot 25 kinderen een jaar later, door hen vindplaatsgericht op te zoeken en persoonlijk uit te nodigen. Dat twee animatoren er tien worden. Dat een levendige Kleine Malibranstraat tienermeisjes- en jongens aantrekt die normaal op Flagey hangen. Dat een “Flamande qui n’est pas du quartier” het vertrouwen kan winnen van een groep ‘hangjongeren’. Dat deze jongeren ook gewoon jonge mensen zijn, met dromen, illusies en desillusies. Dat een jeugdhuis in de Kleine Malibranstraat zéér veel potentieel heeft! En last but not least willen we nog een mogelijk vooroordeel ontkrachten. Zowat alle buurtbewoners die zich hebben laten horen, zijn voorstander van een jeugdhuis in hun wijk. Wat het dikke maatjes worden betreft, zijn we op de goede weg!


deel op Google+ deel op Twitter
09/10
blogfoto

Werkpalet zet jongeren op weg naar werk

JES in Gent neemt het voortouw in het project WERKPALET. Met dit project willen we jongeren aanspreken die afhaakten op school, niet werken en ook niet in een opleiding of begeleiding zitten. Samen met hen willen we stappen zetten die hen dichter bij een job brengen. In het jargon worden die jongeren wel eens de zogenaamde NEET-jongeren genoemd. 'NEET' slaat op Not in Employment, Education or Training. En zo zijn er, in Vlaanderen in het algemeen en in Gent in het bijzonder, helaas veel.



Met z'n vieren

We kunnen dit als JES Gent niet alleen. Daarom werken we in een partnerschap: maar liefst vier vzw's gaan binnen dit project op zoek naar jongeren die zelf de weg niet vinden en meer steun of een extra duwtje in de rug nodig hebben. We realiseren dit project samen met vzw Jong, Compaan vzw en De Stap/Word Wijs als onze onderwijspartner.

Een boon voor werk

Dat doen we elk vanuit onze eigen expertise. Het thema 'werk' is niet nieuw voor JES en al helemaal niet voor JES Gent. Met het project 'De Werkweg' dat in 2013 van start ging in Gent, werd veel expertise ontwikkeld en kwam de nood voor dergelijke initiatieven wel erg duidelijk bloot te liggen. Ook vzw JONG en Compaan zijn geen onbekenden in het landschap van de zoektocht naar werk voor de meest kwetsbare jongeren. Met De Stap/Word Wijs kleuren we ons Werkpalet verder in. Zij zijn de evidente Gentse onderwijspartner in dit verhaal. Vier musketiers dus!

(virtueel) outreachend werken

Net omdat het om wel erg kwetsbare jongeren gaat, zullen we met z'n allen de jongeren opzoeken in hun eigen omgeving, vertrouwen opbouwen en de tijd nemen om samen obstakels te overwinnen. Het project wil jongeren tussen 18 en 25 jaar oud op weg zetten naar werk. We gaan effectief de wijken in en gaan vanuit een bestaand netwerk van jeugdhuizen, andere organisaties, op de pleintjes, in de straten, tijdens evenementen, op zoek naar jongeren die dat extra duwtje nodig hebben. We gaan voor een vernieuwde virtuele vorm van vindplaatsgericht werken: we willen ook aanwezig zijn op sociale media, fora, … want ook dat zijn vindplaatsen. Compaan en onze onderwijspartner gaan via een breed netwerk outreachen: de geijkte paden worden even verbreed om zo de meest kwetsbare jongeren alsnog aansluiting te doen vinden.

Money money money

Wij worden hiervoor gesubsidieerd door ESF, Stad GENT, de Vlaamse overheid en dit in een partnerschap met VDAB. Ook dat mag gezegd!

Voor JES kan je terecht bij Griet De Wachter (coördinator Gent) en bij Hanadi Nam (arbeidstrajectbegeleider).

deel op Google+ deel op Twitter
05/10
blogfoto

NXT: een tussentijdse balans

NEET's zijn jongeren die niet werken, geen onderwijs volgen en evenmin deelnemen aan een training of opleiding. In Brussel gaat het om ongeveer 15% van de jongerenpopulatie tussen 15 en 25 jaar.
Sinds twee jaar loopt bij JES het NXT-project: we zoeken NEET-jongeren op in hun eigen omgeving, we verkennen samen hun potentieel en werken acties uit waarmee ze hun afstand tot de arbeidsmarkt verkleinen.


Eerder schreven we een blog met de ervaringen van onze medewerkers, inmiddels hebben we een rapport klaar met achtergrondmateriaal, cijfers en getuigenissen.
deel op Google+ deel op Twitter
05/05
blogfoto

Dit is hoe onze horeca-instructeur Hilde jongeren warm maakt voor keukenhygiëne en klantenservice

Al jaren is Hilde Schuerman instructeur bij onze opleiding horeca. Sinds kort focust ze zich op bijscholingen en haar favoriete stokpaardjes: keukenhygiëne en klantgerichtheid. Stilzitten is niet besteed aan deze spring-in-'t-veld. Een gesprek!

Je geeft coachings over HACCP, wat is dat? De hygiëneregels in de keuken, neem ik aan.
"HACCP is een Engels acroniem. Het betekent Hazard Analysis and Critical Control Points. Het is een risico-inventarisatie voor voedingsmiddelen. De Nederlandse vertaling is: gevarenanalyse en kritische controlepunten. Het gaat met andere woorden niet enkel over handen wassen, maar veel meer dan hygiëne alleen. Het bestaat uit erg veel theorie."

Hoe breng je zo’n theoretische materie voor een kortgeschoold publiek?

"Ik heb twee uitgebreide theoretische cursussen gevolgd en nadien heb ik iets op maat van mijn cursisten moeten bedenken. Het is in de eerste plaats niet makkelijk om het allemaal uit te leggen, zeker in verschillende talen. Maar je hebt niets aan de theorie als je niet weet hoe je die moet toepassen. En als cursisten niet begrijpen waarom, krijg je hen niet mee. Dus die twee zaken zijn voor mij belangrijk. Deze bijscholingen organiseer ik in opdracht van Tracé voor de werknemers van de sociale restaurants van het samenwerkingsverband Maïzenne. Ik probeer hen, hoe moet ik dat zeggen, een beetje een fobie te geven voor beestjes." (Hilariteit)


“Ik probeer hen een beetje een fobie te geven voor beestjes.”
Hilde Schuerman




Het is niet bij de bijscholingen gebleven. Hoe ben je er toe gekomen om coachings te geven op locatie?

"Cursisten gaven vaak aan dat ze niet goed wisten hoe ze de regels in de praktijk moesten brengen.
Tenslotte is de toepassing vooral een kwestie van organisatie.
'Kom het dan allemaal maar eens uitleggen aan mijn baas.', zeiden ze dan. En dus heb ik besloten om naar hun werkterrein trekken."

Het is een kwestie van organisatie, zeg je?

"Elk restaurant is anders. Dus moet je zo’n ruimte eerst goed indelen. Je begint met een plek in de keuken te voorzien voor alles wat vuil is. Vervolgens heb je een duidelijke andere plaats nodig waar je bijvoorbeeld alles gaat versnijden. De afwas moet ook op een afzonderlijke plek. Afwassen en dingen versnijden kan je niet doen op dezelfde plek. Dan zijn er de bewaartijden. De temperatuur van diepvries en koelast moet ook nauwkeurig opgevolgd worden. Chemische besmetting (bv. de zeep die werknemers gebruiken) en handdoeken zijn vaak zorgenkindjes."


"Alleen met het vingertje wijzen, daar heeft niemand een boodschap aan."
Hilde Schuerman


Wat je in wezen doet, is mensen handenvol extra werk geven. Kan je tips geven over hoe je zoiets best aanbrengt?
"De meeste feedback die ik geef, probeer ik individueel aan de personen in kwestie te geven. Niet in groep. Ik suggereer ook altijd onmiddellijk een remedie. Alleen met het vingertje wijzen, daar heeft niemand een boodschap aan. Ik neem ook deel aan de activiteit. Ik droog bijvoorbeeld mee af en ondertussen observeer ik. Dat is minder opdringerig."

"Ik stel me ook open op. Ik zeg hen van de meet af aan dat ze me vragen mogen stellen. Ik ben geen inspecteur. Ik geef geen punten. Als ze niet goed weten wat goed is of fout, mogen ze me altijd vragen stellen. Werknemers zijn ook altijd trots als ik hen wijs op wat verbeterd is. Ik zeg uiteraard niet alleen negatieve dingen. Ik zeg ook wat goed loopt."


“Ik droog mee af en ondertussen observeer ik. Dat is minder opdringerig.”
Hilde Schuerman




Ik neem aan dat je kritisch oog niet stil valt na je werkuren. Kan je nog wel rustig genieten van restaurantbezoek?
"Goh, ja. Ik lijd wel aan beroepsmisvorming. Laatst was er in Laken een snackbarretje dat nog maar pas was geopend. Ik zag het onmiddellijk: onderaan de stoelen was het verpakkingsplastic nog niet helemaal verwijderd. Onder een van de tafels merkte ik plakkerige sporen opgedroogde cola. Nochtans de uitbater zag er zeer verzorgd uit. En zijn koeltoog zag er ook oké uit. Toen ging ik naar het toilet. Die was echt vies. Ik ben toen op de uitbater afgestapt en gezegd: “Ik geef hygiënecursussen. Er zijn een aantal zaken waar je aandacht aan moet besteden. Ze gaan je op een dag komen controleren en die tafel en de toiletten moeten piekfijn in orde zijn.”
Hij bedankte me. ‘Lief dat u het zegt, mevrouw.’"

Men aanvaardt zo’n kritiek, zomaar zonder slag of stoot? Ik ben verbaasd.

"Je moet niet zeggen: 'Je toilet is smerig.', maar onmiddellijk al een oplossing aanreiken.
Ik zag ook dat die kerel echt zijn best deed. Dan wordt zo’n kritiek echt aanvaard."

Je geeft ook zaalcoaching. Hoe gaat dat in zijn werk?
"Ik kom aan wanneer de zaalploeg al bezig is met de mise en place. Dan kan ik observeren hoe ze aan de slag gaan. In sommige zaken liggen de spullen er nog van de dag voordien. Ze beginnen te borstelen. Het opwaaiende stof dwarrelt overal neer… De manier van tafels dekken spreekt bijvoorbeeld ook boekdelen. Men kan dat met stijl doen of lomp."

"Het is leuk om erbij te zijn als de werknemers al aan het werk zijn: dan kan je bijsturen. Maar niet iedereen is ontvankelijk voor feedback. Er zijn regeltjes: rechts opdienen bijvoorbeeld. Die zijn minder van tel in sociale restaurants. Mensen als mens behandelen, een warm onthaal verzorgen: daar hamer ik des te harder op. Maar dat is eigenlijk nooit een werkpunt op de plekken waar ik kom."


“Mensen als mens behandelen, een warm onthaal verzorgen: daar hamer ik op."
Hilde Schuerman


Waar komt je interesse voor zo’n coachings vandaan?

"Dat weet ik niet. Maar als achttienjarige heb ik in een bakkerij gewerkt. Ik wist helemaal niet hoe ik me moest gedragen op een werkplaats. Het terrein was me helemaal onbekend. Ik werd daar op de koop toe geconfronteerd met het gezag van een kleine zelfstandige: niet eenvoudig."

"Ik kwam toen uit de humaniora. Ik kon rekenen. Dat moest ik daar veel doen. Heel de tijd hoofdrekenen. Alle namen leren van de pateekes. De mensen leren kennen ook: oude menskes die altijd hetzelfde komen halen, mensen die je aanspreken in het dialect, want anders ben je geen echte, mensen die boos worden als je geen dialect spreekt. Zoals de jongeren met migrantenachtergrond waar ik nu mee werk Nederlands proberen te praten, moest ik me behelpen in het dialect. En in Tervuren kwamen daar nog eens Engels en Duits bij. En Frans uiteraard."

"Ik ging dan naar mijn baas om suggesties door te geven aangaande de organisatie van de winkel. Dan antwoordde hij : 'Ik heb jou niet aangeworven om te denken maar om te werken.'"

Wat deed dat met jou?
"Ja, ik heb dat niet meer gedaan, hé. Ik heb mijn mond gehouden."

Ben je dan bij JES gaan werken om te mogen denken?
(Lacht)

Probeer je nu ergens die persoon te zijn die je toen miste?
"Ergens wel."

Dank u voor het gesprek, Hilde.

"Ik wil nog een evolutie met je delen. Sociale restaurants werken in almaar schonere omstandigheden Soms is er een lichte terugval, maar de kwaliteit stijgt. De druk om te presteren echter ook. Soms hebben de instructeurs minder tijd om zich te focussen op de ontwikkeling van hun personeel."

"Vergeet niet: de werknemers van sociale restaurants hebben vaak geen basis. Dus let er op als je naar een sociaal restaurant gaat- en er zijn er tegenwoordig in onze hoofdstad die hoge toppen scheren- de werknemers zitten in een leerproces. Wees mild."


"Let er op als je naar een sociaal restaurant gaat: de werknemers zitten in een leerproces. Wees mild."
Hilde Schuerman


Wil je meer weten over HACCP of over de publicatie die ze schreef over voedselveiligheid: klik hier en koop onze publicaties.

Wil je graag dat Hilde over de vloer komt in je sociale restaurant of ben je geïnteresseerd in één van haar bijscholingen? Neem contact op met Hilde Schuerman (hilde.schuerman@jes.be - 0470/ 660 605)




Geschreven door Duchka Walraet

deel op Google+ deel op Twitter

Lees ook:


2017-11-13
J100 in Antwerpen: een plek waar jongeren hun verhaal kwijt kunnen
2017-11-09
Kleine Malibranstraat
2017-10-09
Werkpalet zet jongeren op weg naar werk
2017-10-05
NXT: een tussentijdse balans
2017-07-26
Bedenkingen bij het goedgekeurde bijzonder bestemmingsplan Tour & Taxis
2017-05-24
Kinderen Baas
2017-05-05
Dit is hoe onze horeca-instructeur Hilde jongeren warm maakt voor keukenhygiëne en klantenservice
2017-03-28
'Investeren in meisjes is investeren in een sterkere samenleving'
2017-03-27
Aan de slag met NEET's: 'We vertrekken vanuit de sterktes van elke jongere'
2017-03-13
Het gonst in Gent
2017-03-06
Een blik in het leven van een straathoekwerker: dossier Kafka
2017-01-16
Bxl Open View: een digitaal mozaïekverhaal dat Brussel in- en uitademt
2017-01-16
''Ik zie het als mijn plicht om mijn leerlingen uit Rollegem eens te confronteren met een grootstad.''
2016-12-20
Wat wensen kinderen en jongeren voor 2017?
2016-12-08
Column: Van kleverige trappen naar het groene geitenparadijs
2016-11-22
Empowered by JES: onze tips & tricks
2016-10-25
Een sterke stad dankzij een sterk jeugdwerk
2016-10-10
Jongeren besturen zelf hun leerloopbaan dankzij SIM-ME
2016-09-26
"Brussel heeft street talent zat"
2016-09-05
1 jaar arbeidscompetentiebegeleiding voor meisjes: de balans
2016-08-26
Instructrice Sarah: “Geef jongeren het gevoel dat ze echt iets kunnen betekenen.”
2016-06-20
Empowered by JES: Pleinpatrons zorgen voor positieve impact op hun buurt
Zoeken in onze blog